Er zijn veel boeken die indruk op mij hebben gemaakt, maar de boeken die het meeste indruk op mij hebben gemaakt zijn, het boek Chesapeake van James Michener, het boek Exodus van Leon Uris en Naar de Top van Ronald Naar.
James Michener is mijn favoriete schrijver. Hoewel Chesapeake niet mijn eerste boek van Michener was dat ik heb gelezen, maakte dit boek wel het meeste indruk. Het boek volgt het tradionele format van Michener. Je volgt verschillende verhaallijnen, door de tijd heen, van verschillende families, op verschillende locaties. Waarbij in het laatste deel alles bij elkaar komt. Michener’s verhalen laten op een hele bijzondere manier zien dat wij, of wij willen of niet, allemaal in verbinding staan met elkaar. Doordat Michener in vrijwel al zijn verhalen feit en fictie met elkaar verbindt lijkt het alsof de beschreven fictieve gebeurtenissen ook feitelijk hebben plaatsgevonden. Michener is ook als geen ander in staat om een omgeving, een setting, zo te beschrijven dat je het gevoel hebt dat je ook daadwerkelijk staat. Bij het lezen van Centennial, mijn eerste boek van Michener, heb ik de atlas erbij gepakt om plaatsen uit het boek op te zoeken. Waarna ik er pas achter kwam dat het allemaal verzonnen was. In Chesepeake volgt je in eerste instantie het verhaal van een indiaan die op een dag de rivier de Chesapeake afzakt in zijn kano. Als je wil weten hoe het verder loopt, lees vooral boek en de gehele Amerikaanse geschiedenis komt langs. Het boek heeft een enorne indruk op mij gemaakt. Ik wilde weten hoe Michener werkt, hoe hij tot zo’n verhaal komt, hoe hij onderzoek doet. Het interigeerde mij enorm.
Leon Uris is ook een schrijver die door zijn werk, maar ook door zijn achtergrond, zijn eigen verhaal, indruk maakte. Uris was een Amerikaanse schrijver, van Joodse afkomst Hij heeft daarbij zijn middelbare school nooit afgemaakt en nam op 17 jarige leeftijd al dienst bij de Amerikaanse marine. De Tweede Wereldoorlog is dan al een jaar in volle hevingheid losgebarsten. Hij diende bij de marine in de Stille Zuidzee. Als hij na de oorlog thuis komt blijkt hij Malaria te hebben. Uris vond het als kind al wel leuk om verhaaltjes te schrijven en ergens in de jaren 50 stuurde hij een artikel over American Football naar de redactie van een tijdschrift. De rest is geschiedenis. Het boek Exodus gaat over de stichting van de staat Israel kort na de Tweede Wereld oorlog en de tegenwerking die het daarbij vond van Arabieren die daar woonde maar ook van de Britten die er toen de scepter zwaaide. De film die van dit boek gemaakt is, is wat minder heftig. De Joodse regiseur vond het originele boek van Uris te anti Arabisch en te anti Brits en haalde de scherpe kantjes er vanaf.
Het eerste deel van het boek verhaalt over een ontsnapping uit de interneringskampen in Brits Cyprus. Het is voor een groot deel gebaseerd op de La Spezia-affaire in Italië, waarbij ruim duizend Joden na een hongerstaking legaal naar Palestina konden reizen. Daarnaast worden de belevenissen gevolgd van een aantal immigranten die vanaf het einde van de negentiende eeuw naar Palestina trokken, en later van aan het nazi-bewind ontkomen slachtoffers. De volgende delen behandelen de aankomst in Palestina, de strijd van de Etsel en de Hagana tegen het Britse bewind en de uiteindelijke Israëlische onafhankelijkheidsverklaring.
Wat mij het meest intrigeert, ook nu nog, is vergelijkbaar is met wat ik zo mooi vind aan de verhalen van Michener: we zijn allemaal op een bepaalde manier met elkaar verbonden.Willen wij het heden begrijpen, moeten wij naar het verleden kijken. Wat mij in de schrijver Uris zo aantrekt is dat hij dus eigenlijk geen idee had wat hij wilde. Hij maakte zijn school niet af, vond het schrijven van verhalen leuk, maar ging het leger in. Hij komt terug uit de oorlog, blijkt dan Malaria te hebben, moet herstellen in Florida en komt daar zijn vrouw tegen. Dan schrijft hij een artikeltje, stuurt dat op goed geluk op en dan plots ontstaat een schrijver van bestsellers. Alles hangt van toevalligheden aan elkaar.
Tot slot het derde boek, Geen berg te hoog van Ronald Naar. In tegenstelling tot de eerdere twee boeken dit keer geen fictie, maar van A tot Z een waargebeurd verhaal. Het verhaal gaat over het hele proces van het beklimmen van de een berg, in dit geval de K2. Ik kwam met Naar in contact na een lezing over juist deze beklimming bij de Openbare Bibliotheek. Het boek vertelt hoe hij het team samenstelde, wat ze deden om van los zand tot een hecht team te komen, hoe ze trainde en hoe ze vanuit het basiskamp de top bereikte. Alles werd uitermate planmatig aangepakt, topsport als exacte wetenschap. Het maakte een enorne indruk. Het maakte zoveel indruk dat ik ook van Ronald Naar al zijn boeken heb gelezen,

Geef een reactie