Toen ik Klaas leerde kennen was hij begin 70, een oude, gebroken man, die veel had meegemaakt. Klaas had een grijs, onverzorgd baardje, een grijze, wilde bos haar en helder blauwe ogen. Hij had geen haast, met altijd een hand in z’n zij schuifelde hij door de gangen. Klaas was niet erg spraakzaam en op de schaarse momenten dat hij wat zei kon ik er geen touw aan vast knopen. Klaas was in de war. In de woonkamer ging hij altijd op zijn vaste plek, in de hoek van de kamer zitten. Vanaf die plek hield hij, zo leek ’t, alles in de gaten houden. Zijn helder blauwe ogen leken niets te ontgaan. Klaas was ook een man met een sterkt rechtvaardigheidsgevoel. Klaas was geboren in het toenmalige Nederlands Indië, Hoe zijn leven er uit had gezien wist ik niet. Het enige wat Klaas mij wel eens vertelt had was dat hij erg van paarden hield.
Niet ver van de instelling bevond zich een manege waar mensen met een handicap onder begeleiding konden paardrijden. Dit leek ons echt iets voor Klaas. Misschien dat hij zich prettiger zou voelen, vooral ook meer zou zeggen, als hij op een paard zat of, als dat niet zou lukken, in de buurt van paarden kon zijn. Aangekomen bij de manege reed ik Klaas in zijn rolstoel naar binnen. Aan de rand van de paddock hielpen ze Klaas uit de rolstoel. In het midden van de bak stond een zwart paard rustig te wachten. Naast het paard hadden ze een opstapje, van enkele treden, neergezet. Toen Klaas op het opstapje stond, hielp een begeleidster hem zijn linkerbeen over de rug van het paard heen te slaan. Het moment dat Klaas goed in het zadel zat, wuifde hij met linkerhand naar de begeleidster, ten teken dat ze wat hem betreft weg kon gaan. Klaas pakte met dezelfde hand de teugel, rechtte zijn rug en deed zijn rechterhand op zijn rug. Hij keek trots om zich heen. Hij klakte met zijn tong en riep dengan pantas of iets wat daarop leek Het paard stapte van het opstapje weg Klaas reed vrolijk om zich heen kijkend rond. Dit was een Klaas die ik niet kende. De gebroken man was plots verdwenen. Wat had Klaas meegemaakt, wat was Klaas voor een man, Wat maakte dat hij zo een, zo vertrouwd, was het dit dier?

Geef een reactie