Deze website ben ik ooit begonnen om over mijn belevenissen als trainer, coach, opleider, bestuurder in het volleybal en later over mijn ervaringen, als een totale buitenstaander, zonder enige kennis van de sport, in het voetbal. Hoe functioneert de trainer, hoe coacht hij of zij een team, hoe verloopt een groepsproces en hoe vliegt een team volledig uit de bocht? Hoe behaal je resulaten en hoe zorg dat kinderen en volwassenen plezier beleven aan hun sport. In veel gevallen hun hobby. Ik heb er zelf een boek over geschreven. De laatste jaren raakte de sport steeds meer op de achtergrond en werd ik van trainer-coach, steeds meer de vader langs de lijn, het bestuurslid met specifieke taken. Andere dingen werden belangrijker. Je moet je zelf ook niet te lang in het middelpunt van de belangstelling zetten. Je moet weten wanneer het juiste moment is om het stokje over te dragen. Mijn blogs veranderde ook van inhoud, van toon. Het ging minder over de sport, meer over andere onderwerpen. Toch werd mijn aandacht gisteren getrokken door een verhaal tijdens het NOS Journaal en kort daarna de artikelen op de websites van de NOS en NU.nl.
Van de geïnterviewde oud-topsporters gaf een derde aan tijdens de carrière te zijn gestuit op grensoverschrijdend gedrag. Machtsmisbruik, genegeerd worden en verbale agressie, in de meeste gevallen afkomstig van trainers en coaches.
De onderzoekers constateerden dat slechts weinig ondervraagden ervaringen met grensoverschrijdend gedrag naar voren durfden te komen. Nu is dat in de basis schokkend nieuws. Ik lees dit echter in lijn met het feit dat grensoverschrijdend gedrag, machtsmisbruik, genegeerd worden pesten en verbale agressie, in elke beroepssector voorkomt. Niet dat dit feit het gedrag overigens goed praat, maar dit is vergelijkbaar met heen geen bij The Voice naar voren kwam en bij de dickpicks bij Ajax. Grensoverschrijdend gedrag, machtsmisbruik, genegeerd worden, pesten, verbale agressie komt ook voor bij in de amateursport. Ook daar worden kinderen, maar ook daar hebben kinderen, maar ook volwassenen te maken met grensoverschrijdend gedrag, machtsmisbruik, genegeerd worden, pesten en verbalen en soms ook fysieke agressie. Ook in de amateur sport zijn er maar weinigen die hierover naar buiten durven treden. Wij kennen in ons land, in tegenstelling tot een leerplicht, géén sportplicht. Kinderen, volwassenen die dit grensoverschrijdend gedrag voor de kiezen krijgen, haken af, stoppen met sport. Hierbij is het zelfs zo dat een individuele sporter nog wel eens er voor kiest om het nog een keer in een andere sport te proberen. Teamsporters stoppen vaak helemaal met sport.
Probleem opgelost denken sportbestuurders niet zelden. Dat is echter niet juist. De pesters zien hun gedrag worden beloond, het slachtoffer zal het gedrag in een nieuwe situatie, elders mogelijk ook laten zien, wat niet helpend is. Bij de oorspronkelijke vereniging zou een onveilige, giftige, clubcultuur kunnen ontstaan. De pesters zoeken namelijk een nieuw slachtoffer. Een ander probleem dat hier ook mee gelinkt kan worden is juiste die NOC-NSF en de daaraan verbonden sportbonden, die nu aan de bel trekken, over het ongewenste gedrag aan de top, baat hebben bij een zo groot mogelijke vijver van talenten om uit te vissen om juiste die zo gedroomde medailles te behalen die nu plots iets minder belangrijk lijken te zijn.
Het is allemaal een beetje hypocriet. Medaille zijn plots niet meer het hoofddoel. Toch werkt de sportkoepel nog steeds met verschillende topsport statussen. Zo heb je misschien wel eens gehoord over de A-status. Het uitgangspunt om in aanmerking te komen die A-status is een mondiale top 8-prestatie tijdens een WK, Olympische Spelen, Paralympische Spelen of een ander internationaal topsportevenement . Nu kan het aan mij liggen, maar dit gaat volgens mij toch echt over medailles. Een niveau daaronder hebben wij het over de HP status. Een HP-status wordt in uitzonderlijke gevallen toegekend bij buitengewone sportieve perspectieven. Die sportieve perspectieven is niet meer en niet minder dan een kans op medailles. Dus laten we er gewoon niet omheen draaien, het gaat nog steeds om medailles. Een badmintonster vroeg zich in het journaal af of het normaal is dat een topsporter na elke training huilend naar bed gaat. Zij vroeg zich af of het normaal was dat een topsporter gewoon doorging, met het risico op een carriere bedreigende blessure om maar die A-status te behouden. Toen de journalist haar persoonlijke mening vroeg gaf zij aan dat zij van mening wat dat dit niet normaal is en dat is het ook niet.
In het onderzoek komen ook de coaches aan het woord en ook zij hebben te maken met ongewenst gedrag.
Ze worden uitgescholden door ouders van hun pupillen en op sociale media zwart gemaakt door atleten met wie ze werken.
Ook dat is enorm vervelend en natuurlijk totaal onwenselijk maar ook dat komt in de amateursport voor. Ik herinner mij een eindronde van een Nederlands kampioenschap volleybal waarbij ik, in de halve finale het lef had om mijn beste speler, zo was men van mening, niet liet starten. Zijn ouders waren niet blij en dat was een understatement. Of die ouders bij een uitwedstrijd met een jeugdvoetbalelftal, waarbij ouders van notabene de tegenpartij, drukker waren met onze jongens dan met het eigen elftal. Schelden bleek bij die vereniging een dood normale omgangsvorm. Even ter verduidelijking het ging hier om een elftal met jongens van 14/15 jaar. Ik zal maar niet vertellen wat ik als elftalleider over mij heen kreeg nadat ik ouders aansprak op hun gedrag. Of die hele jonge scheidsrechter, net 14 jaar oud, die een wedstrijdje van kinderen in de basisschoolleeftijd moest fluiten en zo ontzettend veel rotzooi over zich heen kreeg dat hij in de rust huilend het veld afliep en niet meer terugkwam. Dit is niet oké.

Volgens die topsportcoaches is het systeem met medailles en de daaraan gekoppelde status en financieringssysteem eigelijk even in mijn eigen woorden, een pervers systeem. De gekozen systematiek leidt heeft invloed om de begeleidende rol van coaches, zo is de opvatting. Coaches moeten presteren en het welzijn, gezondheid en de veiligheid van sporters komt op de tweede plaats.
Kortetermijn
Omdat in de Nederlandse topsport, indachtig de Top 10-ambitie van NOC*NSF, de nadruk sterk op medailles en prestaties ligt, is er volgens het bureau dat onderzoek heeft gedaan sprake van kortetermijnpolitiek. De intrinsieke motivatie van topsporters staat soms op gespannen voet met de externe prestatiedoelen, zo gaan zijn verder. Er moeten beleidskeuzs worden gemaakt die gericht zijn op de lange termijn en beter afgestemd op de ontwikkeling van de sporter. Hier raken ze mijns inziens de kern. Sporters, kinderen die aan sport doen, doen dat over het algemeen omdat ze de sport leuk vinden, hierover schreef ik al eerder, er is niets leukers dan het samen te doen met vriendjes. Het zijn vaak de ouders die het belangrijk vinden dat ze winnen, kampioen worden. Ik schreef hier al eerder over. Een sportbond die bedacht had dat het ging op de sport en niet om het winnen en derhalve de ranglijsten had afgeschaft, had er geen rekening meegehouden dat er fanatieke vadets, vooral vaders, waren die op de computer wel een ranglijst gingen bijhouden. Anky van Grunsven zei het ooit al “Als je gaat voor het resultaat vergeet je hoe het uitgevoerd moet worden’. Als je dit nu eens doortrekt, als de uitvoering dus niet zo goed meer gaat, zal je niet winnen en wordt je sowieso geen kampioen. Het moet derhalve nooit om medailles gaan of om zo volstrek irrellevant doel als die top 10 ambitie. Het is gewoon een zich zelf versterkend ziek systeem.
Nu is het Verinorm dat onderzoek deed naar het sportklimaat en weer moeten er allerlei dingen veranderen. Dit is echter niet het eerste onderzoek. Ook Jacques van Rossum deed ooit onderzoek naar drop-outs in de sport. Het pedagisch leerklimaat bleen enorm belangrijke factor in het al dan niet doorgaan met je sport. Telkens hoor ik een echo, lijkt het.
Nu wil NOC-NSF voor deze cultuur verandering 10 miljoen euro, want coaches moeten beter worden ondersteund en meer toegang krijgen tot scholing. Want, zo concludeerde Verinorm, topsport moet niet alleen gaan om winnen, maar ook om groeien als mens in een veilige en gezonde omgeving. Ik vraag mij af met alles wat er nog meer gebeurd in de wereld NOC-NSF deze 10 miljoen euro krijgt, voor specifiel dit probleem. Laten ze nu eens niet zo hoog van de toren blazen en mochten die 10 miljoen euro nog ergens op een plank liggen, laten we dat dan steken in de jeugd- en breedtesport. Laten wij eens keihard investeren in al die clubs die nu al zitten te smachten op kaderleden, om gekwalifiseerde trainers, als kinderen jaren op een wachtlijst moeten staan om lid te mogen worden van een sportclub gaat er iets mis. Daar ligt het echte probleem en als wij investeren in de kwaliteit van de jeugd- en breedtesport dan investeren wij indirect ook in de topsport want echt, zonder jeugd- en breedtesport geen topsport. Wij moeten niet investeren in de top van de piramide maar in de basis ander stort alles in elkaar.

Laat een reactie achter bij bertjensReactie annuleren