Je dacht er van af te zijn… maar ook deze weken is er weer elke avond voetbal op tv: het EK voor vrouwen. Ik moet bekennen, ik volg niet alles, maar ik heb inmiddels toch al een aantal wedstrijden gezien. Als elftalleider van een jongensteam hebben wij een paar keer het geluk gehad om tegen topvrouwenteams te mogen oefenen. Zo speelden wij destijds met de O13 tegen FC Twente O19, en een jaar later met de O16 tegen het eredivisieteam van PEC Zwolle. Natuurlijk volg ik de wedstrijden van Oranje, maar vooral Zweden en Frankrijk vond ik echt leuk om naar te kijken.
Mijn vaste lezers is het wellicht opgevallen dat ik oorspronkelijk niet uit het voetbal kom. Ik heb altijd gevolleybald en ben, nadat ik gestopt was met actief spelen, doorgegaan als trainer-coach. Ik heb gewerkt met de jongste jeugd tot oudere seniorenteams — van recreatief niveau tot de landelijke top. Zowel jongens- als meisjesteams, dames- én herenteams heb ik mogen trainen.
Ik beschouwde mezelf altijd als een typische trainer van jongensteams en later herenteams. De keren dat ik een meisjesteam of damesteam trainde, merkte ik eigenlijk vrij snel dat ik hier niet bepaald goed in was. Toch kwam ik er soms later achter dat die negatieve gedachte vooral mijn eigen verwrongen beeld was. Mijn dochter — wiens team ik twee keer, zij het tijdelijk, heb getraind — vertelde me regelmatig dat de meiden mij juist een leuke, grappige trainer vonden. Leuke oefeningen, fijne sfeer.
Toch vond ik het lastig. Ik begreep het vaak gewoon niet. Het trainen en coachen van jongensteams en herenteams vond ik veel eenvoudiger. Het was voorspelbaarder. Het kon ineens knallen, de sfeer kon snel omslaan, maar het conflict was net zo snel weer de wereld uit. Bij meiden en vrouwen was dat allemaal minder zichtbaar. Conflicten konden lang doorsudderen, en soms gebeurde er iets waarvan ik totaal niet begreep waar het opeens over ging. Dan bleek de kiem van de onenigheid weken eerder al gelegd te zijn — en had ik dat gemist.
Hier is zelfs onderzoek naar gedaan.
Als man in een herenteam ben je echt onderdeel van de groep; je maakt het groepsproces van dichtbij mee. Bij een vrouwenteam is dat anders. Je hoort er als man niet echt bij — op zich volstrekt logisch — maar hoe heb je als coach dan zicht op, laat staan invloed op, wat zich daarbinnen afspeelt?
In mijn boek Sport, niet altijd leuk! geef ik een inkijkje in zo’n situatie. Het team bestond uit twee groepjes vriendinnen die niet goed met elkaar overweg konden. Maar het werkelijke probleem zat bij een meisje dat er alles aan deed om erbij te horen, maar door beide groepen werd buitengesloten. De trainer had dit slechts deels door, tot het moment dat een meisje uit een van de subgroepjes doodleuk aan hem kwam vragen — het was nog net geen eis — om dat meisje niet op te stellen voor de komende wedstrijd. Uiteindelijk viel het team uit elkaar, en was het de trainer die de signalen niet tijdig had opgepikt en geen grip kreeg op de groep.
En dan nu terug naar het EK voetbal, met de bijna-euforie na de ereronde tegen Wales… gevolgd door het diepe dal waarin Oranje terechtkwam na de flinke nederlaag tegen Engeland. Direct na die wedstrijd ging het over de bondscoach — over zijn houtje-touwtje aanpak en zijn gebrekkige communicatie. Een speelster, die hij niet in de basis had gezet, gaf hem na afloop publiekelijk een veeg uit de pan. Je kunt zeggen wat je wilt, maar dat was opmerkelijk. Zo openlijk je frustratie uiten midden in een toernooi… dat zie je niet vaak. Achteraf deden ze beiden alsof er niets aan de hand was.
Het was niet de eerste keer dat de dames naar de coach wezen na een slecht lopend toernooi. De vorige bondscoach, Mark Parson werd ook al tijdens het toernooi afgefakkeld en kon na het toernooi vertrekken.
Het is inmiddels de tweede keer dat een bondscoach tijdens een slecht toernooi — eigenlijk al terwijl het nog bezig is — de zwarte piet krijgt toegespeeld. En opnieuw ligt het zogenaamd niet aan de speelsters. Natuurlijk zijn er ook verwachtingen vanuit de buitenwereld, vooral na het gewonnen EK in eigen land. Maar misschien zouden de dames ook eens kritisch naar zichzelf moeten kijken.
Het enige wat je Jonker kunt verwijten, is dat hij niet echt heeft doorgeselecteerd. Hij heeft nauwelijks speelsters uit de generatie van het “EK in eigen land” laten afvallen om jongere talenten écht een kans te geven. Als men in Engeland zegt dat Wiegman daar wél ervaren speelsters heeft gepasseerd om jonge talenten mee te nemen, terwijl bij Oranje nog altijd dames uit de gouden generatie spelen — dan is dat misschien iets om bij stil te staan.
Verder denk ik — maar goed, wie ben ik — dat de KNVB na Jonker beter op zoek had kunnen gaan naar een vrouwelijke bondscoach. De KNVB vaart echter, in al haar wijsheid, een eigen koers. Van Jonker werd ruim voor het EK al afscheid genomen, waarmee de bond hem flink in zijn hemd zette. En ook zijn opvolger staat al klaar… opnieuw géén vrouw.

Geef een reactie