Ik moet direct bekennen, ik ben niet echt een fan van de Formule 1 en ben ook zeker geen fan van Max Verstappen. Dat wil niet zeggen dat deze sport bij ons thuis niet wordt gevolgd. De afgelopen jaren was Verstappen heer en meester. Er was eigenlijk niemand die in het veld ook maar bij hem in de buurt kon komen. Al ruim voor het eind van het seizoen was ook al bekend wie kampioen zou worden. Dit jaar is alles anders. Verstappen, Red Bull presteert verder onder maat en eigenlijk ging het in de media alleen maar over gedoe, over de mensen die Red Bull allemaal verlieten of rijders die ondermaats presteerde en zelfs Verstappen deelde soms volledig in de malaise. Nadat hij ook ‘Zandvoort’ niet wist te winnen leek de afstand tot de, op dat moment nummer 1, Piastri niet meer te overbruggen. Op dit moment, met nog een race te gaan, is alles anders. Piastri staat inmiddels op plek 3, Verstappen op plek 2 en staat Norris op plek 1, maar ligt alles nog open, Ik geeft direct toe, alles moet nog steeds mee zitten, maar Verstappen zou plots toch nog zijn 5e Wereldtitel kunnen pakken.
Ik vind het fascinerend hoe een ploeg een toch vrij zeker kampioenschap zo heeft kunnen verprutsen. Mag ik dat zo zeggen? Natuurlijk, het is nog niet gedaan en als Norris zondag ‘gewoon’ wint is hij gewoon kampioen, maar hoe heeft dit zo kunnen gebeuren? Waarom is de spanning weer volledig terug. Ik heb totaal geen verstand van auto’s en al helemaal niet van de Formule 1 maar volgens mij gaat dit meer over omgaan met stress, over besluitvorming, over hoe zorg je er voor dat je gefocused blijft op de kern van de zaak en verzand je niet in randzaken. Als je de media mag geloven zijn er bij de ploeg van McLaren, het team van Norris en Piastri, in een toch wel schokkend tempo fouten gemaakt. Fouten waardoor ze, terwijl, als we de experts mogen geloven, echt de snelste auto van het hele veld hebben, toch niet altijd de race wisten te winnen. Soms reden de twee McLaren’s elkaar uit de race, parkeerde ze de eigen auto tegen een muur, is er iets met een plaat onder beide auto’s waardoor ze beide werden gediskwalificeerd of, zoals tijdens de laatste race ze een tactische fout maakte, door beide rijders, als enige, niet al vast een ‘gratis’ pitsstop lieten maken, waardoor uiteindelijk ook, tijdens die laatste race Verstappen won.
Voor wie mijn boek ‘Sport, niet altijd leuk!’ heeft gelezen, was het al duidelijk, ik heb een enorme belangstelling voor wat er in groepen gebeurt, in relatie tot het behalen van prestaties. In mijn boek gaat het over hoe groepsprocessen, soms onder druk van te behalen resultaten, volledig uit de bocht kunnen vliegen, waardoor zelfs ongewenst gedrag ontstaat. Wat wij daarna dan ook maar accepteren omdat er gepresteerd moet worden. Ik vind het ook altijd weer bijzonder dat, hoewel alles mee lijkt te zitten, sporters niet presteren omdat ze afgeleid zijn, bezig met alles behalve waar ze mee bezig zouden moeten zijn, namelijk het perfect uitvoeren van de eigen sport.
De duitse Sportpsycholoog Eberspracher heeft hier een mooi schema voor ontwikkelt. Hij noemde dat de aandachtscirkels. Het lijkt een beetje op een dartbord met een aantal concentrische cirkels.
Sporters die optimaal presteren bevinden zich in de middelste cirkel. Zij zijn volledig gefocused op hun taak. Ze hebben geen last van afleidingen, het gaat uitsluitend om de perfecte uitvoering van waar zij mee bezig zijn.
Het gaat al een stukje minder, je gaat fouten maken, als er sprake is van afleiding, van ruis. Denk aan een discussie over de boardradio of een pittstop die even langer duurt dan gewenst. Je gaat malen in je hoofd, gaat het de volgende keer wel beter en waarom kan die man niet even je mond houden? Mensen die in een ouderwetse kantoortuin werken herkennen dit misschien, afleiding.
Het gaat nog weer een stukje slechter als iemand slecht in de wedstrijd zit, bijna van de baan is afgereden, voorbij wordt gereden door zijn concurrent, je komt dan weer een cirkeltje verder. Je gaat dan om een of andere reden nadenken over de vraag ‘wat ik eigenlijk zou moeten kunnen” maar wat eigelijk nu even niet lukt hoor ik je al denken. Je kan je voorstellen dat je op dat moment al meer in je hoofd bezig bent, aan het malen bent en dat de prestaties daardoor waarschijnlijk niet beter worden. Nou dat klopt. Een fase verder ga je nadenken over het winnen én de kans dat je misschien ook wel eens zou kunnen verliezen. Terug naar Verstappen. Als Verstappen, op het moment dat het bij McLaren even wat minder gaat, de eerste haarscheurtjes zichtbaar worden, in de media gaat roepen dat hij, als hij in een McLaren had gereden allang wereldkampioen was geweest, doet dat iets met Norris en Piatri. Als Verstappen dat ook nog eens beter gaat presteren, komt het denken over verliezen wel een enorme stap dichterbij. Als dan beide rijders beide gediskwalificeerd en ze de voorlaatste race ook nog eens een tactische fout maken waardoor Verstappen weer wint en plots met nog een race te gaan het kampioenschap weer helemaal open ligt ben je, zal je begrijpen weer een cirkel verder en gaat het om de gevolgen van winnen en verliezen. Norris heeft zondag alles te verliezen. Je zou vanuit dat oogpunt zelfs kunnen voorstellen dat Piastri in een, normaal gesproken, snellere auto, misschien nog wel de meeste kans maakt om wereldkampioen te worden. Norris kan alleen maar verliezen, Verstappen is normaal gesproken iets langzamer en Piastri heeft met zijn huidige plek 3 eigenlijk niets meer te verliezen. Het team van Norris en Piastri doen hier echter tot de laatste race ook iets in, door nog steeds geen kopman aan te wijzen. Want wat zou er morgen gebeuren als plots Piastri beter rijdt dat zijn teamgenoot en hij meer kans heeft om wereldkampioen te worden? De teamgenoten zijn ook elkaar grootste concurrenten. De vraag is echter wie in die laatste race zijn hoofd er het best bij weet te houden.

Voor wie dit ook een mateloos interresant onderwerp vindt, kijk verder op mijn YouTube Kanaal!
Geef een reactie