Overtredingen

Heb je ooit onbedoeld de wet overtreden? Waar zal ik beginnen? Ja, ik heb wel eens de wet overtreden en niet onbedoeld, gewoon met m’n volle verstand. Wie niet?

In een reactie op een blog van GewoonAnneke over spijbelen heb ik eerder al eens toegegeven de leerplichtwet te hebben overtreden. Ik heb op enig moment, eigenlijk vrij geconcentreerd in een schooljaar regelmatig gespijbeld. Ik ben ook wel regelmatig door het rode stoplicht gefietst omdat ik het en ook dat was een fase, het vrij suf vond om voor een rood stoplicht te wachten terwijl er in de verste verte niemand aankwam. Ik heb ook wel eens wat, zonder te betalen uit een supermarkt meegenomen. Voor de details het ging om een zakje chips en ik zat op de middelbare school. ik vond dat destijds enorm spannend en ik deed het om erbij te horen. Achteraf schaamde ik me hier enorm voor. Ik heb tot slot, nadat ik na vijf jaar eindelijk mijn rijbewijs had behaald, wel eens te hard gereden, overigens zonder geflitst of aangehouden te worden. Ook dit was een fase.

Inmiddels ligt dat allemaal ver achter mij. Er is nagedacht over elke wet en die dingen zijn er niet voor niets. Je blijft van andermans spullen af en anders betaal je er gewoon voor. School is er om je wat te leren, zodat je later nog ergens je brood mee kan verdienen. Dat spijbelen was dus op z’n zachts gezegd een beetje dom. Dan over dat te hard rijden. Ook dat doe ik werkelijk nooit meer, daar zit een schokkende ervaring aan ten grondslag.

Het was een jaar of dertig geleden. Ik had nachtdienst en reed met mijn auto naar het werk. Het was bijna elf uur, ik was er bijna. Ik reed bijna blind naar mijn werk. Ik had die avond nog wat geslapen en het was rustig op de weg, tot de laatste kruising. In de verte zag ik al blauwe zwaailichten. Er stond een politie auto midden op het kruispunt en de weg rechtdoor, de weg die langs mijn werk liep, was afgezet met rood-witte linten. Ik had op dat moment echt geen idee wat er aan de hand was. Ik wist ook even niet hoe ik nu op mijn werk moest komen. Ik reed langzaam het kruispunt op en zette de auto midden op de kruising stil, naast de agent die het verkeer stond te regelen. Ik vertelde hem waar ik werkte en dat ik niet wist hoe ik op mijn werk moest komen. De agent pakte zijn porto en liep een moment bij mij weg. Daarna liep hij naar het rood-witte lint en hield dit omhoog. Hij wenkte mij. Ik mocht doorrijden. Langzaam reed ik verder. Langs de weg liepen rijen mensen, heel vreemd, in dezelfde richting. In de verte weer veel blauwe zwaailichten. Plots zag ik aan de linkerkant van de weg een looprekje half in de sloot liggen. Wat verder stond een kleine donkere auto met z’n neus voorover in dezelfde sloot. De deur aan de bestuurderskant stond nog open, maar er zat niemand meer in. Iets verder op stonden agenten, ambulancepersoneel en nog wat mensen naast de dikke bult op de linker weghelft. Het leken dekens die over iets heen waren gelegd. Kort daarna sloeg ik links af en reed het terrein op. Aangekomen bij mijn afdeling stonden daar nog veel auto’s. Dit was ook al zo vreemd. Normaal gesproken stond daar geen auto. Alleen als de late dienst met de auto was stond er een auto. Ik parkeerde de auto en liep naar binnen. Op het kantoor was het druk. Mijn leidinggevende stond met een agent te praten en er waren nog al wat collega’s aanwezig.
“Ga zitten jongen, koffie? Er is iets vreselijks gebeurd,” ging hij verder.

Het bleek dat twee bewoners van onze afdeling ’s avonds, nadat ze aan de overkant van het terrein bij een Chinees Indisch restaurant uit eten waren geweest, nadat ze de straat al waren over gestoken op de weg bij de bushalte waren doodgereden. Ze waren beide op slag dood. Die nachtdienst zal ik nooit vergeten en sindsdien rijd ik echt nooit meer te hard. Ik moest die nacht ouders, kinderen, nabestaanden bellen om hen midden in de nacht te gaan vertellen wat er gebeurd was. Dit zijn gesprekken waar je niet op kan voorbereiden, waar ik in ieder geval niet op voorbereid was. Een jaar later las ik in de krant dat de chauffeur van de auto te veel gedronken had, veels te hard gereden had en ook nog eens een vrachtwagentje waarvan de chauffeur zich keurig aan de maximum snelheid, welke 50 km/u was, had gehouden rechts over de busstrook had willen inhalen. Tegenwoordig hoop ik oprecht dat ze mensen die te hard rijden aanhouden, dat ze die mensen enorm hoge boete opleggen en anders wens ik ze echt een boom. Alleen mag ik dat laatste niet zeggen en dat is ook wel weer terecht. Het enige en daarmee wil ik afsluiten, die wetten zijn er niet voor iets. Wetten zijn een soort afspraak waarmee we ons gezellig samen zijn hier op aarde een beetje geordend kunnen laten verlopen.

2 responses to “Overtredingen”

  1. Wat een nare ervaring, zoiets blijft altijd in je gedachten zitten, soms ver op de achtergrond maar dan plotseling weer sterk op de voorgrond.

    Als jonge meid deed ik veel wat voor de wet (van mijn vader) was verboden, niet dat het schokkende dingen waren maar de straf die ik er voor kreeg was niet mals! Nu leef ik gewoon heel rustig en braaf. 😉

    1. Ik rijd nog wel eens ocer dezelfde weg en dan moet ik er inderdaad vaak aan denken.

Geef een reactie

Ontdek meer van "Het verhaal begint… durf jij verder te lezen?"

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder