Koeman wist het zeker, de kenners gaven hem gelijk . Nederland was het aan zijn stand verplicht om te winnen van Oostenrijk. Uiteindelijk wint Oostenrijk de poule met Nederland en Frankrijk en achteraf had niemand hier op gerekend. Ik nijg er naar om te zeggen dat dit typisch voetbal is, ergens leren ze het nooit. Een veelvoudig Olympisch gouden medaillewinnaar vertelde ooit in een documentaire dat zij uitsluitend voor goud ging, wat tot frustraties en slechtere resultaten leidde, zo vertelde ze. Zij zei toen wijze woorden: “Als je gaat voor het resultaat, vergeet je hoe het uitgevoerd moet worden” en dat is exact waar ik de afgelopen twee uur naar gekeken heb. Deze meervoudig Olympische gouden medaillewinnares begon pas met winnen nadat ze dat niet meer tot doel stelde
Er is echter meer te zeggen. De Duitse sportpsycholoog Hans Ebersprächer bedacht begin jaren 90 van de vorige eeuw de aandachtscirkels. Deze aandachtscirkels zijn een goed hulpmiddel om met concentratie om te gaan.
Spelers die optimaal functioneren zitten in het centrum van dit dartbord. Zij zijn uitsluitend bezig met hun taak, met de uitvoering van hun sport, in dit geval voetbal. Zij zijn gefocused en zijn moeilijk af te leiden. Een speler die zich gaat storen aan de scheidsrechter, medespelers, een discussie gaat voeren met zijn coach, of precies weet wat er langs de lijn gebeurd is niet meer met zijn taak bezig. Of omgedraaid een bondscoach die voortdurend loopt te schreeuwen langs de lijn. Het helpt niet. Je zit in cirkel 2. Je bent afgeleid, je bent niet scherp, je bent er niet bij. De coach langs de lijn helpt ze spelers, als ze al gefocust waren van cirkel 1 naar cirkel 2 en daardoor wordt de uitvoering minder.
Wellicht kom het je bekend voor; je speelt een wedstrijd en je realiseert je dat het minder goed gaat dan dat jij zou verwachten. Dit gebeurd in cirkel 3. Je bent niet in vorm. Je gaat je bedenken waarom het niet lukt, waarom het niet gaat zoals je gehoopt had. Je focus is minder, je speelt minder goed. In cirkel 4 ben je bezig met het resultaat. Zo kan een spits, volledig in cirkel 1, de laatste man passeren om daarna één op één met de keeper te komen. Op dat moment realiseer jij je dat jij zou kunnen scoren, dat jij daarmee de wedstrijd zou kunnen winnen. Op het moment dat dit gebeurd ga jij in een keer van cirkel 1 naar cirkel 4 en jij zal vrijwel zeker missen. Het scenariodenken slaat toe in cirkel 5. Als wij deze wedstrijd verliezen is degradatie vrijwel zeker óf als wij winnen behalen wij de nacompetitie. Als deze gedachtes de boventoon gaan voeren, ben je ver af van de aandacht voor de uitvoering. Je speelt weer een stukje minder goed. Als jij je, tijdens de wedstrijd gaat afvragen wat jij daar doet, of je niet veel leukere dingen had kunnen doen, zijn we aan beland in cirkel 6. Spelers die zich dit soort vragen stellen willen vaak niets liever dan gewisseld worden. Ik vermoed dat er in dit Nederlands elftal spelers speelde die in de 2e helft misschien wel blij waren dat ze gewisseld werden.
Spelers kunnen switchen tussen cirkels. Als coach kan je, door je manier van coachen, hier ook debet aan zijn. Als je in cirkel 6 zit, als alles tegenzit, is het lastig om nog terug te komen in cirkel 1. De rust opbrengen om weer taakgericht te denken, zal moeilijk zijn. Door een tussenstap, bijvoorbeeld je te concentreren op zoiets als je ademhaling, je gedachten weer te ordenen, zou dit wel kunnen. Om tot optimale prestaties te komen is het goed je te realiseren in welke fase je zit en wat je zou kunnen doen om weer taakgericht te denken.
Terug naar de gesprekstafel bij Stekelenburg. Je vind vooraf dat het enige doel het winnen van de wedstrijd, zelfs het winnen van het EK is, voor minder doe je het niet. Hier het resultaatdoel waar een meervoudig Olympische gouden medaille winnares het al over had. Je vergeet hoe het uitgevoerd moet worden en loopt telkens achter de feiten aan. Je zit, als je de aandachtscirkels van Ebersprächer erbij pakt, niet in cirkel 1, de plek waar je moet zitten om optimaal te presteren. Je zit niet eens in de tweede cirkel, je zit direct in de derde cirkel. Je bent voordurend bezig met wat eigenlijk zou moeten kunnen. Op het eind van de wedstrijd, als Oostenrijk ook nog de 2-3 scoort, gaat het over de gevolgen van winnen en verliezen, omdat je bij deze wedstrijd vooraf al wist dat je door zou gaan, zelfs bij verlies. Een derde plek leidt alleen tot een volgende wedstrijd tegen een erg sterke tegenstander.

Het is soort Hollandse arrogantie, ergens moet een Nederlandse voetballer, een voetbalcoach, zich zelf overschreeuwen. Ik ben nog niet echt realistische coaches tegen gekomen. Ik zou wensen dat er in het voetbal mensen zouden opstaan die wat minder hoog van de daken zouden schreeuwen, zich wat minder op de borst zouden slaan.
Geef een reactie