Op dit moment ben ik formeel, vroegtijdig met pensioen, maar werk ik daarnaast sinds maart van dit jaar niet 16 uur per week, maar 32 uur per week. Dat was niet gepland. Ik was hiervoor gevraagd. Nu bijna 9 maanden later kom ik tot de conclusie dat het eigenlijk gewoon te veel is. De Maandag is mijn Opa dag, die dag is voor onze oudste kleinzoon. De rest van de week heb ik het druk, erg druk met alles rondom veiligheid binnen een zorginstelling. Ik vind dit leuk en ook afwisselend werk. Ik heb ook niet voor niets ja gezegd toen mij gevraagd werd om meer uren te werken. Lang verhaal kort, er ligt veel werk. Daar komt bij dat ik dat soms maar moeilijk voor het voetlicht weet te brengen en dat leidt tot stress. Dat laatste ligt echt aan mij, want mijn leidingevende zegt vaak, volgend jaar gereed is ook goed, er is geen haast en juist dat leidt alleen maar weer tot meer stress en geloof mij, ook dat ligt echt aan mij. Noem het gedreven, noem het ambitieus, geef het een naam. Het heeft ook iets met prioriteiten. Ik wil dingen afgerond hebben, mijn deadlines halen en juist dat laatste frustreert enorm. Daar komt nu bij dat ik voor de tweede keer een manuscript naar uitgevers heb gestuurd en dat ook voor de tweede keer een uitgever het de moeite waard vindt om het uit te geven. Bij ‘Sport, niet altijd leuk!‘ ging het om een non-fictie boekje over pesten en ongewenst gedrag in de sport. Een onderwerp waar ik mij ook beroepsmatig mee bezighoudt. Boekscout, mijn uitgever, is een Printing-on-demand uitgever. Dit bracht met zich mee dat ik veel zelf moest doen. Ik heb dit achteraf niet eens als een probleem gezien. Ik was dankbaar dat zij mijn boek wilde uitgeven.
De wijze waarop ‘Sport, niet altijd leuk!’ werd ontvangen maakte de drempel naar een volgende stap lager. Als jouw boekje zelfs in België in de bibliotheken blijkt te liggen en je zelfs over jouw boek contact hebt met de Koninklijke Bibliotheek in Brussel, doet dat wel wat.
Mijn volgende project ‘De deur in de tuin’ is hier ontstaan, eigenlijk als gevolg van, letterlijk een slechte droom, waarin een deur en een gang onder de grond voorkwamen. De tot standkoming van het verhaal heeft daarna nog meer dan een jaar geduurd. Heel veel schrijven en nog meer schrappen. Verhaallijnen letterlijk uittekenen. Het manuscript aan verschillende mensen laten lezen en nog meer schrappen, herschrijven. Tot een moment waarop ik dacht, nu is het goed. Dan start de zoektocht naar een uitgever. In eerste instantie ben ik op zoek gegaan naar echt bekende uitgevers die meerdere Fantasy boeken in de portfeuille hebben, denk aan Meulenhof en Godijn. De reacties waren over het algemeen lovend maar het leidde niet tot een contract. De zoektocht werd vervolgd met zogenaamde hybride uitgevers. Uiteindelijk heb ik een uitgever gevonde en de eerste ervaringen zijn goed. Ik realiseer mij dat er nog veel moet gebeuren, maar zoals altijd is dan de vraag, waar haar je de tijd vandaan?

Geef een reactie