Nog voordat De Deur in de Tuin het licht ziet heeft Calidris, mijn uitgever al een pagina voor mij gereserveerd.
Vertel ons over je boek!
Lucas groeit op in het statige landhuis Groot Bruinschoten, waar zijn vader, een strenge legerofficier, zijn kinderen onderwerpt aan meedogenloze discipline en harde straffen. Terwijl zijn broers en zus proberen zich te schikken naar de regels, voelt Lucas een steeds sterker verlangen naar vrijheid en een eigen leven.
Wanneer hij samen met zijn zus Sophia een mysterieuze deur ontdekt, verborgen achter in het bos, komt een geheim aan het licht dat hun familie al generaties lang heeft bewaakt. Wat begint als een zoektocht naar antwoorden, verandert in een gevaarlijk avontuur vol spanning, herinneringen en verborgen waarheden.
De deur in de tuin is een meeslepende mix van familiedrama en mysterie, waarin de strijd tussen gehoorzaamheid en vrijheid centraal staat en een verborgen kelder de sleutel lijkt te zijn tot het verleden.
Hoe is je boek tot stand gekomen?
Het startpunt van mijn boek is eigenlijk, misschien heel vreemd, een droom over een tunnel onder de grond waar ik niet meer uit kon komen. Een regelrechte nachtmerrie. Deze droom heb ik nog dezelfde ochtend opgeschreven. Daarmee had ik nog geen boek. Hierna volgde een proces van schrijven en weer schrappen, van scenario’s uitdenken, het schrift ook gewoon een tijd niet meer aanraken.
Was het een afgewerkt idee of is het gegroeid door het schrijfproces?
Het boek was absoluut geen afgewerkt idee. Eigenlijk is het al schrijvend tot stand gekomen. Waarbij ik soms ook zelf wel benieuwd was hoe het avontuur verder zou gaan. Het was niet zo dat ik alles aan het toeval heb overgelaten. Soms werkte ik meerdere scenario’s uit om daarna te beoordelen wat het beste zou passen.
Waarom wilde je een boek schrijven? Wat inspireerde je?
De deur in de tuin is niet mijn eerste boek. Het is wel mijn eerste roman. In 2015 kwam Sport, niet altijd leuk! – en boek over pesten en ongewenst gedrag in de sport. Een op dat moment al actueel onderwerp. Toch was dit niet mijn eerste boek. Ik heb daarvoor, als onderdeel van een redactie, meegewerkt aan een 2 handleiding voor sportverenigingen over het formuleren van beleid en aan een lesboek voor startende volleybaltrainers. Ook heb ik ruim 16 jaar artikelen geschreven voor vakbladen en magazines in de sport. Schrijven is zo gezegd een leuke hobby. Toch heb ik niet altijd de drang, de noodzaak, gevoeld om een boek te schrijven. Wie ben ik om dat te doen? Het duurde dan ook lang voordat Sport, niet altijd leuk! op de plank lag. Nadat deze drempel genomen was, kwam in het verlengde van een cursus Creatief Schrijven, een ander genre in beeld.
Naast schrijven is lezen een enorm grote hobby. Ik lees niet zelden ook twee boeken tegelijk. Ik ben een liefhebber van Engelse detectives, maar mijn aller grootste voorbeeld, is toch wel James Michener. Van hem heb ik al zijn boeken gelezen, sommige zelfs meerdere keren en soms ook in het Engels en het Nederlands. Ik vind het fascinerend hoe hij te werk gaat, zijn romans opbouwt. Ik moet eerlijk zeggen dat ik niet vaak in een bibliotheek kom. Het gevolg is dat ik thuis een heel aardige bibliotheek heb. Waarbij op dit moment op het moment ben gekomen dat ik mijn vrouw moest beloven dat ik bij elk nieuw boek, een oud boek zou weggeven. Eigenlijk een prima afspraak.
Schrijf je nu aan iets nieuws?
Ik heb een eigen weblog. Het blog heeft dezelfde titel als bij eerste boek. Dit blog is ook ontstaan in de slipsteam van mijn eerste boek. Hier schreef ik artikelen over onderwerpen waar ik als trainer-coach, als docent bij trainerscursussen, als sportbestuurder tegen aanliep. Waar ik mij over verwonderde, over wat ik bijzonder vond of waar ik mijn vragen over had. Dit blog gebruik ik inmiddels ook voor onder andere korte verhalen. Sommige verhalen verworden ook toch vervolg verhalen. Een van deze vervolg verhalen is ’De Grauwe stad’ een verhaal over een man die op een avond afspreek in een kroeg in stad. Centraal in dit verhaal staat een enorm grote inktvis die in een oude fabriekshal op een industrie terrein in een enorm aquarium gehouden wordt.
Heb je tips of advies voor anderen die een boek willen schrijven?
Heb vertrouwen, geloof in jezelf, ook als het even tegenzit. Het maakt niet uit dat je valt, als je maar wel telkens weer op staat. Een andere advies is om je verhaal aan anderen te laten lezen. Wees niet bang voor kritiek, het is allemaal gratis feedback. O ja, leg een notitieblokje op je nachtkastje.
Waarom vind je dat je boek gelezen moet worden?
In De deur in de tuin beleef je het aangrijpende verhaal van Lucas, een jongen die opgroeit onder de tirannie van zijn vader en verlangt naar vrijheid. Terwijl hij worstelt met discipline en angst, ontdekt hij samen met zijn zus een mysterieuze deur in het bos. Wat begint als een zoektocht naar antwoorden, verandert in een spannend avontuur vol geheimen en verborgen waarheden. Een meeslepende mix van familiedrama en mysterie die je vanaf de eerste pagina grijpt en niet meer loslaat. En juist wanneer je denkt te weten hoe het afloopt, neemt het verhaal een onverwachte wending die je sprakeloos achterlaat.
Wat doe je als je niet aan het schrijven bent?
Ik heb sinds kort, vervroegd met pensioen. Toch ben ik nog niet helemaal gestopt met werken. Een dag in de week pas ik op mijn oudste kleinzoon. De rest van de week ben ik nog als Arbeidsomstandigheden en Veiligheidsadviseur werkzaam bij een zorginstelling. Het denken in scenario’s is mij dan ook niet vreemd.
Naast een leven lang actief te zijn geweest in verschillende rollen in zowel het volleybal, als ook het voetbal, ben ik tegenwoordig meer de supporter langs de lijn. Als ik dan nog tijd over heb wandel ik graag, bezoek ik regelmatig een museum en een aantal keren per jaar gaan mijn vrouw en ik op bezoek bij onze oudste zoon, schoondochter en jongste kleinzoon, die in Engeland wonen. Daar komt misschien ook mijn voorliefde voor Engelse literatuur vandaan en ook in Engeland hebben wij prachtige wandelingen gemaakt en er is geen land dat het eigen erfgoed op zo’n sublieme wijze weet te cultiveren. Ruines, abdijen en erg mooie musea te over.

Geef een reactie