Mijn motto

Ik kan hier wel kort over zijn; ik heb een persoonlijk motto: “Elke dag een stukje beter dan ik gisteren was.” Dit heeft iets met het levenslang leren, waar de overheid het vaak over heeft. Ik vind het ontzettend leuk om te studeren en om weer eens iets nieuws te doen. Het grappige is dat ik met dat leren niet bepaald een vastomlijnd plan heb. Het volgen van een studie of cursus is ook geen doel op zich. Ik verzamel geen diploma’s en certificaten. Het studeren moet georganiseerd worden rondom alle andere belangrijke dingen. Mijn motto is ook écht “elke dag een stukje beter.”

Het niet bepaald vastomlijnde plan brengt met zich mee dat ik veel verschillende cursussen heb opgepakt en oppak. Over de beroepsmatige opleidingen en cursussen heb ik al eerder iets geschreven. Daarnaast heb ik ook een werkelijk ratjetoe aan cursussen gevolgd, gewoon voor de leuk. Zo heb ik een cursus creatief schrijven gevolgd, maar ook een cursus Noors en een cursus sportpsychologie en coaching. In het verlengde hiervan liggen ook de trainerscursussen, de cursus recreatiesportleider en zoiets als sportmassage en EHBO. Ik heb ook een studie filosofie gedaan, maar ook geschiedenis. Toen mijn vader in een verpleeghuis werd opgenomen, heb ik een module psychogeriatrie gevolgd aan de Open Universiteit. O ja, ik vergeet bijna de cursus boekhouden.

Die leergierigheid zie je ook terug in mijn onhebbelijke gewoonte om te willen begrijpen wat anderen drijft. Zo heb ik ooit, echt al lang geleden, een clinic gevolgd van de Nederlandse Vereniging van Volleybal Oefenmeesters. De spreker van die dag was John Kessel, destijds bondscoach van de Verenigde Staten. Wat die man liet zien en zijn visie op jeugdsport en volleybal intrigeerde mij in het bijzonder. Naderhand heb ik een brief geschreven naar de Amerikaanse volleybalbond; e-mail was er toen nog niet echt. In reactie op mijn brief kreeg ik een antwoord en zelfs twee boeken van hem. Het contact daarna is min of meer gebleven.

Ik schreef al eerder over het geboortekwartaaleffect en hoe een Canadese journaliste dit ontdekte tijdens een ijshockeywedstrijd. Toen ik dat verhaal las, heb ik haar een e-mail gestuurd en ook hier kreeg ik een leuke reactie. Net als met de Nederlandse emeritus hoogleraar die onderzoek had gedaan naar dit effect binnen het onderwijs, ook met hem heb ik contact opgenomen.

Tijdens het schrijven van mijn boekje over ongewenst gedrag in de sport had ik al contact met Bob van der Meer, maar heb ik ook Rita Kohnstamm geschreven. Het leuke van dit contact is dat mijn boek nu in een van haar boeken terugkomt in de literatuur. In het verlengde is ook het contact ontstaan met een tweetal Amerikaanse gymdocenten, omdat de manier waarop pesten, ongewenst gedrag uitpakt, bijna cultureel bepaald lijkt.

Ik wilde zo ontzettend graag weten hoe het zat. Dit heeft geleid tot een wereldwijd netwerk van contacten, ontstaan door die enorme wens om te snappen waarom iets is, zoals het kennelijk is. Om dat te snappen, moet je, dacht ik vaak, bij de bron zijn. Ik heb geleerd dat oprechte belangstelling altijd leidt tot oprechte belangstelling en dat mensen, als je zelf deelt, ook altijd bereid zijn om te delen. Het is niet echt mijn motto, maar het hoort wel heel erg bij mij.

Daily writing prompt
If humans had taglines, what would yours be?

Geef een reactie

Ontdek meer van "Het verhaal begint… durf jij verder te lezen?"

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder